Zielsniveau

Iedereen heeft een lichaam en een ziel, zo zie ik het. En de ziel kiest een lichaam dat bij hem/haar past voor dit leven. Het lichaam dat de ziel het huisje biedt waardoor het zijn leven op aarde kan invullen. Ik denk dus ook dat een ziel meerdere levens heeft, om de levenslessen te leren die het nodig heeft om verder te groeien. En dat het voordat het geboren wordt, de ouders en hun omstandigheden uitkiest om die levenslessen te kunnen gaan leren. 

Als zo’n ziel voor zijn komst, op zielsniveau, afspraken maakt met de andere zielen waar hij zijn leven mee gaat delen, zijn dit een soort oer-afspraken. Die weet het later niet meer, als hij eenmaal geboren. Maar die hebben wel invloed in zijn leven. Die levenslessen moeten geleerd worden, en daar zijn omstandigheden voor nodig. Als een ziel bijvoorbeeld moet leren dat niet altijd alles alleen hoeft te doen, en het soms hulp nodig heeft, kan dat op verschillende manieren en momenten in het leven manifesteren. 

Dat begint al in de baarmoeder, en bij de geboorte. Als de baby geboren wordt, en het heeft hulp nodig bij de geboorte. Er moet een knip worden gezet bij de moeder, omdat de hartslag laat zien dat het niet zo goed met de baby gaat, dan is dat behoorlijk heftig. De baby ervaart de druk van de weeën en kan niet verder. Totdat er geholpen wordt,  het hoofdje geboren wordt en hij eindelijk bij mama op de borst mag bijkomen. Met een grote ademsteug neemt het de levensadem tot zich neemt en zegt ja tegen dit leven. Het kind neemt een intern besluit door zo’n intensieve ervaring “Als ik heel erg mijn best doe en hard werk, wordt het steeds zwaarder en zwaarder en lukt het niet zelf. Ik heb hulp nodig om te overleven”.

Later in het leven kan zo’n besluit zich als een patroon, of als een eigenschap manifesteren. Bijvoorbeeld dat het kind zich heel lang laat helpen bij het aankleden “want ik kan het niet alleen, ik heb hulp nodig”. Of het begint wel zelfstandig aan een taak op school, maar haakt snel af en wacht op hulp “want ik kan het niet alleen, ik heb hulp nodig”.  En als volwassene werkt het hard aan opdrachten van zijn werk, maar als de druk te hoog oploopt, lukt het niet om de taak zelfstandig af te ronden, legt het het opzij en ziet er erg tegenop om het af te maken “want ik kan het niet alleen, ik heb hulp nodig”. 

Als je kijkt naar de bovenstaande voorbeelden, en het beziet vanuit de visie van de levenslessen, dan kan je deze patronen anders gaan bekijken en begrijpen. De geboorte is een eerste manifest geweest van deze zielsles. De les dat het niet erg is om hulp te vragen, dat je hulp mág vragen en aanvaarden. En dat het fijn is. Maar dat het niet meer is zoals bij de geboorte, dat je leven ervan afhangt. Nu niet meer. Je mag nu kíezen om hulp te vragen. Want je kan het zelf, maar het interne besluit zit zo diep dat je niet eens weet dat je een keuze hebt. Door dit besef komt er opluchting, op zielsniveau.  De ziel herinnert deze afspraak zich nog, onbewust. De afspraak was dat het wilde leren dat het niet alles alleen hoeft te doen. Bij de geboorte kwam dit heel duidelijk naar voren, zodat deze afspraak wel gezien móest worden en aan de oppervlakte komt. Dan kan er pas aan gewerkt worden. Nu is het patroon niet meer nodig, de les is gevoeld en begrepen. En het mooie is, dat daardoor het gedrag ook niet meer nodig is. 

De invloed van de geboorte en de prenatale periode zijn zeer groot en kunnen ervoor zorgen dat bepaalde eigenschappen in de rest van het leven naar voren blijven komen. Of zorgen bepaalde eigenschappen, die op zielsniveau zijn gekozen om belangrijke levenslessen te kunnen leren, ervoor dat de geboorte op die bepaalde manier plaatsvindt? Ik denk het laatste. Dat voel ik. Op zielsniveau.

Esther Hut - baby