Lieve Sterre,

Ik heb net, bewust, weer naar je geboortefilmpje gekeken. Het was al bijna 6 weken geleden dat ik hem had gezien. Ik heb er 6 weken aan gewerkt, het was mijn project. De foto’s heb ik zo tientallen keren voorbij zien komen, muziek uitgezocht en op de seconde precies eronder gezet. Toen was hij af. Perfect. Net als jij was.
Daarna viel ik in een gat. Na 10 dagen krabbelde ik er gelukkig weer uit en sindsdien ging het eigenlijk best goed. Maar sinds een kleine week heb ik weer veel flashbacks en voel ik dat er verdriet onder de oppervlakte lag. Klaar om los te komen, maar ik moest er een moment voor maken. Om er ruimte voor te maken. Dat was daarnet. Het bewust weer kijken naar de film zou het voor mij losmaken, dat voelde ik. Inderdaad, bij de eerste toon van het eerste muziekje kwam het. 

Wat een ongeloof en wat een verdriet kwam er boven. Lang geleden dat ik zo heb gehuild. Met diepe halen de pijn vrij maken.
Wat zag ik er sterk en rustig uit op de film. Waar is dat gebleven? Ik voel mij helemaal niet meer zo. Hoe kon ik nou op dat moment zo goed er instaan?
Hoe dan ook, ik voel mij vandaag anders. Ik voel mij leeg. En boos. Waarom heeft dit toch moeten gebeuren? Tuurlijk kunnen we het beredeneren. Met trisomie 18 en de afwijkingen in je rug zou je leventje zeer kort, broos en medisch zijn. Waarschijnlijk met pijn/ongemak voor jou. Of niet. We weten het niet. Dit begrijpen we dondersgoed, dat we je hiervoor hebben behoed, en je broer en zussen ook. En ons. Maar ongelooflijk, wat doet het zeer dat het ons heeft moeten gebéuren!! Waarom? Waarom mocht jij maar 20 weken leven? Waarom moest jíj zo’n fatale afwijking krijgen? Ik begrijp het zelfs op spiritueel niveau. Maar het doet aards zo’n godvergeme pijn….!

Ik had nu bijna 32 weken zwanger geweest. Over 4 weken met verlof gaan en verkneukelen op je komst. Hoe cru is de werkelijkheid nu… Volgende week ga ik op gesprek bij de praktijkondersteuner van de huisarts en ik sta op de wachtlijst bij de haptotherapeut om het trauma en de rouw gedegen te verwerken. Papa worstelt door de restanten van de ziekte van Lyme en intussen moeten we jouw verlies een plekje geven.

Een plekje geven… jouw plekje is het plekje waar ik je even heb mogen knuffelen en koesteren toen je net geboren was, tegen mijn borst, in mijn hart. Ook bij papa heb je daar nog even gelegen. We hebben je geknuffeld en huid-op-huidcontact gemaakt zoals we ook zouden hebben gedaan als je levend ter wereld was gekomen. Dat plekje is voor jou. Daar zit je. En daar blijf je. Ik voel daar de kracht en de warmte en de liefde van en voor jou. Dus ja, een plekje geven hoeft niet. Je zit er al.

Plekje

Voor altijd in / op ons hart